Proefschrift ‘Taking a Capability Approach to Technology & its Design; A Philosophical Exploration’ (2013)

Cover proefschriftDefended January 2013

Doctoral degree awarded “cum laude”

Paper based dissertation, part of multidisciplinary research project “Technology & Human Development – A Capability Approach“, for which I had acquired a grant from NWO. I received the DEWIS award 2013 for the best female doctoral student to have graduated from TU Delft that year.

Hieronder wat twee van de commissieleden die mijn proefschrift beoordeeld hebben, over me zeiden. Plus de korte samenvatting op de achterflap.

Ilse is a well-organized and productive scholar, who managed to bring together various academic fields in her dissertation, and to combine high-quality intellectual work with smoothly organizing various important scientific events.

Peter-Paul Verbeek

Professor of philosophy of technology, Faculty of Behavioural Sciences, University of Twente

Ilse Oosterlaken managed to conclude her PhD thesis, in three rather than four years, with the highest distinction. She is not only extremely well-organized, but also highly original and innovative.

Tsjalling Swierstra

Professor of Philosophy, Faculty of Arts and Social Sciences, Maastricht University

Samenvatting op de achterflap:

Wat mensen realistisch gezien kunnen doen en zijn in hun leven, hun ‘capabilities’, is volgens de ‘capability benadering’ van Amartya Sen en Martha Nussbaum van groot ethisch belang. Voorbeelden zijn de reële mogelijkheid om gezond te zijn, of onderdeel te zijn van een gemeenschap. De capability benadering is inmiddels een invloedrijk ethisch kader voor reflectie op rechtvaardigheid, gelijkheid, welzijn en ontwikkeling. In het verleden is het al toegepast op gebieden zoals onderwijs en gezondheidszorg.

Pas vrij recent is men de ‘capability’ benadering ook gaan gebruiken voor reflectie op technologie, bijvoorbeeld op de bijdrage van ICT aan ontwikkeling op het zuidelijk halfrond. Veel van dit recente werk is empirisch van aard. Dit proefschrift draagt bij aan de theoretische fundering voor toekomstig empirisch en ethisch werk door middel van een filosofische verkenning van de vraag hoe de ‘capability’ benadering relevant gemaakt kan worden voor technologie. Het bespreekt de toepasbaarheid en relevantie van de ‘capability’ benadering voor het ontwerpen van technische artefacten (‘capability sensitive design’), voor de evaluatie van technologische ontwikkelingsprojecten, en voor de beoordeling van technologie vanuit het perpectief van het goede leven.

Een van de hoofdvragen die in dit proefschrift geadresseerd wordt is welke technologie theorieën en ontwerpbenaderingen de ‘capabillity’ benadering goed zouden kunnen aanvullen, met het doel om de benadering te ‘operationaliseren’ op dit nieuwe toepassingsgebied. Met dit doel voor ogen bespreekt dit proefschrift participatief ontwerpen, actor-netwerk theorie, aangepaste technologie, pluralistische technologie theorieën, en de systeem/netwerk visie op technologie. Een andere leidende vraag is wat nou precies de aard is van (a) menselijke mogelijkheden zoals deze centraal staan in de ‘capability’ benadering en (b) technologie in de zin van technische artefacten, en hoe we de relatie tussen beiden kunnen conceptualiseren. Hiervoor moeten we, zo beargumenteerd dit proefschrift, afwisselen ‘inzoemen’ en ‘uitzoemen’. Het eerste stelt ons in staat om de ontwerpdetails van technische artefacten te zien, het laatste om te zien hoe ze zijn ingebed in grotere socio-technische netwerken. Beiden zijn cruciaal voor het vergroten van ‘capabilities’ ofwel reële menselijke mogelijkheden.