Telkens weer je identiteit kiezen

Kaft van het boekTerrorisme bestrijden door een vreedzame en gematigde islam te stimuleren, is volgens Amartya Sen niet zonder risico. Deze strategie benadrukt religie juist ten onrechte als enige en allesbepalende identiteit van een moslim.

Identity and violence; The illusion of destiny, door Amartya Sen, uitg. Penguin Books, London 2006, 215 blz. €28,25

Als elfjarige was Amartya Sen er getuige van dat in zijn straat een eenvoudige islamitische dagarbeider met messteken om het leven werd gebracht. Het liet de jongen in diepe verwarring achter. Want waarom werd iemand zomaar vermoord door mensen die het slachtoffer niet eens persoonlijk kenden?

De moord vond plaats tijdens de Hindoe-Moslim rellen in India in de jaren ’40 van de vorige eeuw. “A great many persons’ identities as Indians, as subcontinentals, as Asians, or as members of the human race, seemed to give way – quite suddenly – to sectarian identification with Hindu, Muslim, or Sikh communities”, constateert Sen daarop terugkijkend in zijn nieuwste boek Identity and Violence.


Deze boekbespreking schreef ik tijdens mijn minor journalistiek (2006) voor het vak Publieksgericht Schrijven. Ik schreef het met Filosofie Magazine in gedachten.


Toch brengt India, hoewel er meer dan 145 miljoen moslims wonen, tegenwoordig nauwelijks islamitische terroristen voort. Sen schrijft dit mede toe aan de Indiase democratische politiek, die in navolging van Mahatma Gandhi erkent dat mensen veel verschillende identiteiten hebben die van belang zijn voor hun zelfbegrip en onderlinge relaties.

Het is die pluraliteit van identiteiten die centraal staat in Sen’s betoog. Iemand kan bijvoorbeeld tegelijkertijd en zonder contradictie christelijk zijn, Amerikaans staatsburger, van Caribische oorsprong, liberaal, heteroseksueel, een verdediger van homorechten en vegetarisch. Om maar een fractie te noemen van de mogelijke identiteiten die Sen opsomt.

Daarmee zet de denker en Nobelprijswinnaar economie zich af tegen de filosofische stroming van het communitarisme. Mensen moeten, beargumenteert hij, telkens weer kiezen welke van hun vele identiteiten het belangrijkst is in de context waarin ze zich op dat moment bevinden. Geen van onze identiteiten kan allesomvattend zijn.

Sen hekelt niet alleen politici zoals Blair, die pleiten voor een vreedzame en gematigde islam, maar vooral ook Samuel Huntington’s invloedrijke werk The Clash of Civilizations. In beide gevallen wordt een enkele identiteit – religieus respectievelijk cultureel – gezien als doorslaggevend voor alle keuzes die we in het leven moeten maken. Ten onrechte, zo benadrukt Sen keer op keer.

Het construeren van één dominante identiteit speelt manipulatieve leiders die aanzetten tot sektarisch geweld juist in de kaart. De singuliere identiteit is aldus een gevaarlijke illusie, zoals uitbarstingen van geweld in Kosovo, Rwanda, Israël en Palestina laten zien.

Maar wat is dan wel de juiste benadering? Mensen laten zien dat ze vele identiteiten hebben waaruit ze zelf kunnen kiezen, plus het versterken van burgerschap en ‘civil society’, luidt Sen’s antwoord.

Groot-Brittannië, waar Sen vele jaren woonde, doet het in dat opzicht volgens hem slechter dan India. Multiculturalisme is in Engeland een soort ‘plural monoculturalism’, een visie waarin diversiteit gezien wordt als waarde op zichzelf. De maatschappij als een losse federatie van etnische, religieuze of culturele subgemeenschappen die bescherming verdienen. Daarmee wordt het individu gecategoriseerd en opgesloten in een min of meer willekeurig gedefinieerde groep waarin hij of zij toevallig geboren is.

Voor Sen is diversiteit alleen waardevol voor zover deze een resultaat is van de vrijheid van redeneren en keuze die ieder individu heeft. Meerdere malen zet hij zich fel af tegen de Britse overheidssteun voor confessionele scholen. Het ontneemt kinderen, zo meent hij, de mogelijkheid om alternatieve identiteiten te leren kennen en voor zichzelf te denken en kiezen.

Net als zijn eerdere boeken is ook Identity and Violence toegankelijk, onderhoudend en met grote overtuigingskracht geschreven. Helaas weidt de veelzijdige Sen – eerder schreef hij al over armoede, ethiek, rationaliteit, vrijheid en economie – soms te veel uit. De secties over marktwerking en globalisering had hij beter kunnen gebruiken om meer de diepte in te gaan.

Zo merkt Sen op – zoals Sartre ooit ook deed – dat een jood in Nazi-Duitsland zeer beperkt was in zijn identiteitskeuze, doordat hij niet kon veranderen hoe anderen hem zagen. Komt die onvrijheid zelf te kiezen wie je bent niet veel vaker voor dan Sen schijnt te denken? Ook kan je je als lezer afvragen of identiteiten zoals ‘vegetariër’ en ‘christen’ wel in één adem genoemd kunnen worden. Zijn ze qua reikwijdte niet totaal onvergelijkbaar? En hoe komt het toch dat het zo gemakkelijk is om de identiteitsbeleving van mensen te manipuleren en verengen? Juist voor een boek dat zo relevant en actueel is, is het jammer dat dergelijke punten slechts terloops worden aangestipt.

 

 

Save

Deel je vragen / opmerkingen / ideeën!